Vinaora Nivo Slider 3.xVinaora Nivo Slider 3.xVinaora Nivo Slider 3.xVinaora Nivo Slider 3.xVinaora Nivo Slider 3.xVinaora Nivo Slider 3.xVinaora Nivo Slider 3.xVinaora Nivo Slider 3.xVinaora Nivo Slider 3.xVinaora Nivo Slider 3.xVinaora Nivo Slider 3.xVinaora Nivo Slider 3.xVinaora Nivo Slider 3.x

 

Locatie:

Zuster Prinsstraat 3

3832 KW  Leusden

tel. : 033-4324758

 

correspondentieadres Stichting:

Galicië 2

3831 JD Leusden

tel: 033-4952023

KvK nr. 32117369

RSIN: 8162.05.759

IBAN: NL05 RABO 0145258629

info@stichtingpluswonen.nl

'Deltaplan voor goed geneesmiddelengebruik zou niet misstaan'

Hoogleraar psychofarmacologie kijkt bij afscheid in De Spiegel

Op de dag dat hij 65 jaar wordt, donderdag 1 april a.s., sluit hoogleraar psychofarmacologie Jan M. van Ree, UMC Utrecht, zijn academische carrière af. Hij spreekt tijdens zijn afscheidsrede over zijn fascinatie voor de werking van de hersenen en over waar die fascinatie hem heeft gebracht. Van Ree was naast zijn werk in het UMC Utrecht initiatiefnemer van de Hersenstichting Nederland, lid van het College ter beoordeling van geneesmiddelen (CBG) en voorzitter van de Centrale Commissie Behandeling Heroïne Verslaafden. De afscheidsrede van Van Ree heet De Spiegel; omdat hij in een denkbeeldige achteruitkijkspiegel terugkijkt op de bijna vijftig jaar die hij in academisch Utrecht doorbracht en omdat de spiegelcellen in de hersenen een rode draad in zijn verhaal zijn. In dit persbericht wordt een aantal belangrijke punten uit De Spiegel aangestipt.

 

 

Over spiegelcellen... ‘Eén van de fascinerende ontdekkingen die van grote betekenis is voor het begrijpen hoe onze hersenen werken, is het bestaan van spiegelcellen in de hersenen. Spiegelcellen worden actief als we een beweging maken, maar ook worden ze actief als we een ander diezelfde beweging zien maken. Spiegelcellen staan aan de basis van de imitatie van andermans gedrag. Hierdoor leren we nadoen wat onze moeders en vaders doen, maar ook aan te voelen wat ze bedoelen. Spiegelcellen staan aan het begin van het proces in de hersenen, waardoor we in staat zijn ons een beeld te vormen van een ander individu. Daardoor kunnen we aanvoelen wat een ander bedoelt of van plan is: als iemand zijn glas oppakt is het toch belangrijk om te weten of hij wil gaan drinken of dat glas naar je hoofd wil gaan slingeren. Maar ook kunnen we aanvoelen wat een ander voelt: zijn verdriet, zijn blijdschap, zijn lijden, zijn liefde. Dit is van groot belang voor ons sociale gedrag en voor een fundament van dit gedrag: empathie, inlevingsvermogen. Door emoties van de ander in jezelf te projecteren, kun je emoties delen. Als we niet kunnen aanvoelen en begrijpen wat een ander bedoelt of meemaakt, hoe kan er dan sociaal contact en hechting zijn? Het leven wordt een stuk armer zonder een knuffel of een arm om je heen. Door ons in de ander te verplaatsen, leren we ook onszelf beter kennen. We staan dan oog in oog met onszelf. Er is wel opgemerkt dat de spiegelcellen voor de psychologie van dezelfde betekenis kunnen zijn als het DNA voor de biologie is.’ In alle onderwerpen die Van Ree in zijn rede aansnijdt, grijpt hij terug op een specifieke werking van de spiegelcellen.

Over zijn idee voor een Deltaplan voor veilig en goed geneesmiddelengebruik…‘Het probleem is nog steeds groot: het aantal ziekenhuisopnames dat gerelateerd is aan geneesmiddelen en potentieel vermijdbaar, is in Nederland per jaar ongeveer 19.000 en hierbij is sprake van 2000 doden. En nog veel meer mensen overlijden omdat ze de voorgeschreven geneesmiddelen niet volgens voorschrift gebruiken. Onthutsende cijfers zeker als we die vergelijken met het aantal doden in het verkeer (ongeveer 700 per jaar). We veranderen de verkeerswet als we daardoor 10 of 20 doden per jaar minder hebben. Wordt het niet eens tijd dat we doeltreffende maatregelen gaan nemen? Een deltaplan voor goed geneesmiddelengebruik zou niet misstaan.’

Over verslaving als ziekte van de hersenen…Wat gebeurt er in de hersenen wanneer iemand verslaafd raakt? Van Ree was betrokken bij het onderzoek naar en vormgeven van het model van verslaving, het zogenoemde zelfinjektiegedrag. Zijn interesse lag echter vooral in de vraag wat er gebeurt in de hersenen bij verslaving. In 1975 werd een belangrijke ontdekking gedaan. Van Ree:‘ We hebben in onze hersenen allemaal stoffen die werken als morfine en heroïne. De endorfinen werken pijnstillend, maar ook verslavend. We kunnen dus verslaafd raken aan onze eigen endorfinen in de hersenen, dat is mogelijk het geval bij gokverslaving en seksverslaving.’ Van Ree heeft altijd gestreden tegen de gedachte dat het de stof is die verslaving geeft. ‘Alles was en is gericht op de effecten van de stof, de stof is de kwade genius. Dus verbannen en verbieden en tot de verslaafde zeggen: eigen schuld, dikke bult. Nee dus, belangrijk is het individu dat met zijn genetische achtergrond en omstandigheden in zijn jeugd, gevoelig is (gemaakt) voor verslaving. Zo zijn er genen die belangrijk zijn voor het gaan gebruiken van verslavende stoffen en weer andere die bepalend zijn of iemand daadwerkelijk verslaafd raakt. Dit inzicht is van belang voor hoe de maatschappij, de politiek en de medische professie omgaat met verslaving.’

Over hersenziekten…Van Ree merkt op dat het de afgelopen vijftig jaar niet is gelukt een doorbraak te bewerkstelligen in het geneesmiddelenonderzoek naar hersenziekten – ondanks enorme inspanningen, met mankracht en financiën. Van Ree vindt het na vijftig jaar wel tijd nieuwe, onbegaande wegen in te slaan. ‘De neurowetenschappen hebben de laatste decennia veel nieuwe kennis opgeleverd, maar helaas nog weinig dat het dagelijks leven van onze hersenpatiënten heeft verbeterd.’ Van Ree pleit ook met nadruk voor een volledige acceptatie van hersenziekten. ‘Ik denk nog steeds dat niet alle hersenziekten door de maatschappij net zo serieus worden genomen als andere chronische somatische ziektes.’

De Hersenstichting Nederland organiseerde op vrijdag 19 maart de eerste Nationale Hersenlezing, ter gelegenheid van het afscheid van haar oprichter.

prof. dr. Jan M. van Ree.